De Oude Haven de plek waar Rotterdam begon...............
De Rotte – toen nog Rotta genoemd – voerde modderig veenwater aan. Door het afdammen ontstond een veilige plek (haven) waar schepen konden aanmeren, goederen konden worden gelost en handel kon floreren. Al snel verrezen pakhuizen, brouwerijen en scheepswerven langs de kades. De Oude Haven werd het kloppende hart van die ontwikkeling: een plek waar wijn, hout, graan en turf werden opgeslagen, waar scheepsbouwers hun ambacht perfectioneerden en waar de stad letterlijk groter werd door de bedrijvigheid die hier begon. In de 15e en 16e eeuw groeide Rotterdam uit tot een internationale handelsstad, met verbindingen naar Engeland en Frankrijk.
De geschiedenis van de Oude Haven is niet alleen een verhaal van groei. In 1563 verwoestte een enorme stadsbrand het oostelijke deel van Rotterdam, waarna men besloot huizen voortaan in steen te bouwen. Later, tijdens het bombardement van mei 1940, bleef de Oude Haven relatief gespaard, maar de omgeving raakte zwaar beschadigd. De haven zelf zakte in de decennia daarna weg in verval.
Pas in de jaren ’70 kwam de wederopstanding: bewoners en bestuurders kozen voor behoud in plaats van sloop. De Oude Haven werd het eerste officieel beschermde stadsgezicht van Nederland, en historische schepen zoals museumschip De Buffel kregen hier een vaste ligplaats. Het gebied transformeerde van industriële werkplek naar levendige ontmoetingsplek.
De Oude Haven de plek waar wij Rotterdam hebben leren kennen..........
Vandaag is de Oude Haven een van de meest sfeervolle plekken van Rotterdam. Je wandelt langs historische kades, ziet oude schepen dobberen in het water en kijkt omhoog naar de iconische Kubuswoningen die als gele bomen boven de haven lijken te zweven. De terrassen liggen pal aan het water, en vooral op warme dagen bruist het hier van het leven. Het is een plek waar geschiedenis en moderne stadscultuur elkaar moeiteloos vinden: je drinkt een biertje naast een schip dat ouder is dan de stad zelf, terwijl achter je de skyline van Rotterdam verder groeit.
De Oude Haven was jarenlang een vast onderdeel van het jaarlijkse uitje met Eugene en Daphne naar de Vrienden van de Amstel. Het vaste programma leidde ons via de Stad naar de Oude Haven. Wat drinken en dan bij de Mexicaan eten aan de Oude Haven om tenslotte de avond af te sluiten bij de Vrienden van de Amstel. Deze mooie herinneringen mogen niet ontbreken in onze reis langs de Rijn (Waal - Nieuwe Maas).
We besluiten op zondag 16 augustus heerlijk op het terras te gaan zitten aan de Oude Haven. Nu is het zomer, de terassen zitten vol. Een andere sfeer dan in Januari als we de Vrienden van Amsterl bezochten.
Wanneer je vanuit de Oude Haven omhoog kijkt, zie je ze meteen: de Kubuswoningen, een rij felgele, scheef geplaatste kubussen die lijken te balanceren op betonnen stammen. Het is een van die plekken waar Rotterdam laat zien hoe ver de stad durft te gaan in architectuur.
De woningen zijn ontworpen door architect Piet Blom, die in de jaren ’70 en ’80 wilde breken met de grijze, functionele bouwstijl van de wederopbouw. Hij zag elke kubus als een boom, en het hele complex als een “Blaakse Bos” — een dorp in de stad waar mensen konden wonen tussen architectonische bomen.
De Kubuswoningen bestaan uit 38 paalwoningen en 13 grotere bedrijfskubussen. Ze werden gebouwd tussen 1977 en 1984 en staan op een zeshoekige betonnen pilaar, waardoor de begane grond vrij blijft voor voetgangers, winkels en werkruimtes. Elke kubus is letterlijk gekanteld, waardoor de muren schuin lopen en de ramen diagonaal zijn geplaatst. Binnen voelt het alsof je door een boom klimt.
De meeste kubussen zijn particulier eigendom, maar één woning is ingericht als museumkubus. Jaar in, jaar uit zijn we voorbij de kubussen gewandeld. Nu wilde wij ervaren hoe het is om in zo’n scheve wereld te wonen. Daarom hebben wij het museumkubus bezocht. Binnen kun je zien hoe de ruimtes zijn ingedeeld en hoe verrassend licht het is — ondanks de schuine wanden.
Reactie plaatsen
Reacties